DUTCHSURFER.BE TOP 100


Monneke’s Top 100

Gratis Website Promotie
Registreren    Inloggen    Forum    Leden    Help

Forumoverzicht » Nederlandse en Vlaamse Dialecten




Plaats een nieuw onderwerp Antwoord op onderwerp  [ 1 bericht ] 
Auteur Bericht
 Berichttitel: 1082 Zottegemse
 Nieuw bericht Geplaatst: 17 okt 2009, 13:00 
Offline
Geregistreerde gebruikers
Avatar gebruiker

Geregistreerd op: 24 aug 2009, 23:17
Berichten: 41
1082 Zottegemse woorden
aardworm, pier tiek
akker kaiter
angst schoutte
Gierigaard Krebbenbijter
Grotenberge Braavelde
haken crocheren
Hij is de pijp uit Hij is "ribedebi"
lieveheersbeestje pompernelleken, pimpompulleke
nipt redzekes
opschieten affeseren
plagen ambetern
Sint-Goriks-Oudenhove Sente Gurens
Sint-Maria-Oudenhove A-novene
vagina een pruime, een duuze, een musse
woensdagavond goensdagoavend
't is voor vandaag 't es veur vandoee
aan oan
aanaarden op-uu-gen
aangetekend schrijven rekomendee
aanmaakhout (voor kachel) stoof-èt
aanmanen (om te eten) provellen
aanschuiven ( in wachtrij) rootse schuiven
aansteker brikee
aap martekoo
aardappel patat
aardappelen pattotters
aardappelen in de schil pattotters mee de pèlle
aardappelen in de schil patotters mee de pèlle
aardappelpap tuitsespap
aardbei erebeese
aardbei irrebeze
aardbei erebeese
Accuboormachine Pielemachiene
activiteit bezigheid
adem aosem
afgeleverd hehe'en
afstansbediening baksken van de téléviese
allemaal amoale, alleman
allemaal samen altsegoare
altijd alseleven
amfetaminegebruiker vènger
amper mee ruidze
analfabeet ongeletterde
angst grouele
angst grouelel
angst schou
angst schoutte
antiroestverf ( rode menie) ruu miene
appelaar appelpote
appelmoes appeltrot
arbeider ( in zware industrie) travooman
armband brasselee
arme drommel ormen duts (m) / orm sluure (v)
arme vrouwe slure
Arthur Scheirisstraat Zwarte gracht
auto ooto
autobatterij Otobatterie
autobus buus
autoped trotinette
avond oavend
avondschemering valoavend
baantje boontsen
babbelaar,ratelaar rooteleire
bakkebaarden fabrie-en
baktrog moelde
balzak bozze
balzak vagina opening
bang schau
bangerd broekschaiter
bangerik schou-uut
baskische muts ne pots
batterij piele
bazige vrouw prije
bedrag geld
beerkar zeekkerre
beerton zeekstik
begonnen begost
bengel ruffe
benzine nafte
benzinestation naftepompe
berm borme
beroerte geroakteit
beslag maken paretten moaken
besteller van spoedberichter ( telegrams)vanuit de stations 'n peechendroager
beuzelaar, gierigaard pezewever
biblioteek boekerije
bidden leez'n
bierbuik túgzweere
bieten betroaven
big , biggetjes tsoe, tsoetses
bij bie
bij bij
bijdehands pertig
bijna abij, bekanst
bijna bekanst
bijna abij
bijzit, maitresse koekentiene
bilspleet voore
binnenmonds praten moemelen
binnenmonds praten tenzellen
blaadje bloodsen
blad papier blorren
bladeren blorrn
blauw blaad
bloedworst rooien triep
bloedworst 2 zwarten triep
bloemen blommen
bloementuil blommekee
bobijn tuite
boekentas kanasjière
boodschappen komissens
boodschappentas kabas
boodschappentas (gevlochten) netzak
boomgaard bogort
bord talure
bord (eet) tallurre
borst, uier mamme
borstelsteel bosselsteel
borsten tett'n
borstwering ballestrade
boterham boot
boterham boot; bootsen
boterhammentrommeltje bootbozze
boterhammetjes boodses
botsautootjes otoskoetere
braadworst soocidsen
braambessen brambransen
brandkast coufrefort
brandnetels tingels
brede onverharde landwegel ree
breinaald priem
breiwol sette
bretellen garillen
brievenbus boite
brievenbus doite, boite
broeksriem centure
brood bruud
brooddoos bootbozze
broodzak boodbosse
buikloop spodder
buikloop racekak
buikloop spetterkoek
buishoed sapoobuus
buitenspel ( voetbal ) avseit
burgemeester burremistere
Burgemeester Zottegem "Don Looreone"
cafeetjes kapellekes
cavia ziratte
Charleroi Sarlaroa
chichorei, paardenbloem peeën
corpulent iemand ne vetzak
daar genter
dadels kadijsters
dakgoot kornisse
dakwerker schouldendekker
dan tans of tuus
dan tuns
darts veugelpiek
das plastrong
das plastroank
dat had je maar gedacht dat ziede van iere os ge ginter stoat / dadode moar gepèst
dat heb ik niet gedaan abbakkendou
dat heb je wel gedaan abbaggendoet
de den
de beiaard den beiord
de herfst 't achterwerts joar
de Hongerstraat Nonger
de inspanning niet waard tsop es de kulle nie wert
de lente den uitkommen
de markt de mort
de socialisten de tsosn
deken (wollen ) suirge
deksel scheel
denken pèsen
denken peisen
deugeniet (olijke kleine) leure
deugniet niewèrd
deze middag vandennoene
deze namiddag vandenachternoene
deze voormiddag vandeveurnoene
dierenarts perdemeester
dik achterwerk coufrefort
dikbil pletser
dikoor, rode hond de bozze
dinsdag deisendag
dobbelsteen teerlink
dokter dokteur
doodlopend spoor voor lossen van goederen kuutzak
doopsuiker suikerbeesen
doopsuiker kiennekessuikersessuikere
dorpel zulle
draaien ( rond iemand of iets) rondkukkel'n
drempel zulle
drempel zulle
drinkbus pulle
drinkeboer bierbobbel , bierooge, dronkord, zatte pulle
droge worst en endeken
droge worst druge sesiedze
droge worst druen ent
dronken zat
drukken (op het toilet) kuimen
drukte, gedoe errewoase
duizend duusd
durf je dat ... turdedadde
durven turren
dwars door tzwissen deure
dwingen,druk uitoefenen prevellen
een nen
een banaan en banane
een blaar een bléne
een egel nen uts
een grote man nen bir van nen vent
een kleine man ne kop en klutten
een knipperlicht ne pinker
een kop koffie een zatte kaffee
een kurk een flokket
een pannenkoek nen tsiepere
een pompoen een poompe
een snoepje ne spek
een struik nen ul
een verkoudheid een vallinge
een vervelende situatie n' bescheten komisse
een weinig drank en zeupe
een wenend iemand tsiepmuile, een schreemmuile
een wind een scheete
eerlijk irlijk
eerlijke irlijke
egel uts
egel stekelverken
ei zo na redzekes
eierdooier ndool vanun è
eieren èërs
Eiersaus, zei ze. aaersaasezaaze
eigenaar eieneere
eigendunk toepé
eigenwijs persoon goestendoenere
elastiek rekkere
electriciteit eeletriek
Elene (deelgemeente) Eelne
Elene (deelgemeente) Elen'
emmer auker, iemer
emmer iemere
emmer (water) oakkere
emmertje - aker oeker
en dan en tons
enkels knoesels
erg grauelijk
erg zat strontzat
ergens ieverands
Erwetegem Ertegem
eten fretten
eten poepen
eucharistieviering messe
eventjes redsekes
fabrieksmeisje (vroeger) fabriekspulle
ferme vrouw mokke
fiets vélo
fiets of autorem freine
fietsen veloën
fietsen purvlo rijen / mee de vélo rijen
fietsketting velokeetn
fietsstuur guidong
fietstas ransel
flauw van smaak flets
flauwerik, bangerik fla-uut
fles flèsse
flesdopje bierscheelken
fluisteren fezelen
fluiten schuifelen
fluitketel muêr
fluwelen broek floerenen broek
foppen (iemand) (ienen) nen toer lapp'n
fopspeen tute
foto portret
fotograaf portrettentrekker
franstalige franskijong
friemelen frutsel'n
gaan slapen goan nennen
gaar zochte
gaar (aardappelen) zoachte
gaat ge mee goe e mee
garnalen geirnoart
gasfles n' bombonne gazze
ge hebt gait
ge hebt het goed voor gaant gij goed op
ge hebt het wel gedaan gedoet gedoet
gebakje pateetsen
gebakken aardappelen gebruineerde patotters
gebarsten gebosten
gebruikt gebezigd
gehakt gekapt
gehandicapt maloondig
gehandicapt malloondig
gek zijn kwieb zijn
gek zijn kwieb zijn - maboel zijn
gekookte ham gezooën hespe
geld puien
geld centen, kluiten
geld gald
geldbeugel portemonee
geluk sjanse
geneesmiddelen medicamenten
geperste kop huflakke
gereedschap aloam
gereedschap om gaatjes te maken elsen
gereedschapskist aloambak
gereedschapskist oloambak
gerst schokkeloen
gerst schokkeloen
geruit hemd karoën emde
geslachtsgemeenschap hebben veugelen
gestreepte kat bruin/zwart kelderslekke
getrapt getorten
gezicht bakhuis
gezicht wezen
gezicht toote
gezicht smoel
gierigaard krebbenbijter
gierigaard peezewever
gietijzer geute
gilette mesjes vliemkes
glad sleer
glijbaan sleerboane
glijbaan sleere
Godveerdegem Uutsvertegem
Godveerdegem Utsfertegem
goederentrein marsandiese
goeiendag azel ze
goochelaar schammatur , tufferère
goot zeppe
gootsteen pombak
goudvisje gaavisselken
graag geern
graag een groter dan een kleiner stuk liever een brokke dan nen brijzeling
gras ges
grasperk peloeze
grasperk gesplèn
griessel griessel
grismeel(pap) smoel
groenten groensel
groentenvergiet stramijn
grontenzeef vergiet
grote borsten balkong
grote knikker bolleketten
grote knikkers bolleketten
grote kom caserole
grote voeten lochtingterters
Grotenberge Brèvelde
Grotenbergestraat den berg van brèvelde
gruwelijk vrid
haantje de voorste veurschelligoart
haast je hoest ui
habijt pietaleir
had hij ootij
had ik ooke
had je oote
hadden jullie oote goaldere
hadden we oome
hadden ze oonze
hagedis lekkertisse
hagedis lekkertisse
haken cristeren
half om half deelt,deelt
handtas sakkose
handvol (kersen) affel
hark rikke
havermout kwakkers
hebben ein
hebt U ette gije
heeft ee
Heldenlaan Neerstroate
heldenlaan neerstroete
helemaal helegands
helemaal niet affeelders nie
hemd emde
hemdeslip emdesleppe
hemel hemele
hen (kip) poelde
hespeworst soccisson
het ut
het college t' gestichte
Het hagelt. toaelt
Het is de moeite niet waard Ten es de goage nie
het is mistig tee gesmuikt
het is niet éénduidig er zijn mir koe-en die Bloare hitten
het is om zeep tes noar de kluten, tspel is espe
Het loont de moeite niet ten es de goage niet
het loopt gesmeerd 't goa gelijk nieten
het toilet, W.C 't vertrek
het waait twout
het wordt dikke ambras tza boembaalleke zijn
hetzelfde tselfste
Hi is plotseling verdwenen Hij is vertrokken met de "noenzonne"
hij ei
hij (zij) heeft het naar zijn (haar) zin ij (zij) jeunt em (eur)
hij (zij) is steenrijk ij es (z'es) de moere en de rijger van 't gelt
hij (zij) ziet het niet meer zitten ij (zij) weet van gin èt pijlen moaken
hij heeft toen erieus onder zijn voeten gekregen ij ee ter nie moetn agtr vroggen
hij heeft mij 'n loer gedraaid ij ee in mijn roapen gescheten
hij is pompaf ij es tvas af
hij is verbouwereerd ij es van' t hand gods geslegen
Hij is verdwenen Hij is ribedebi
hij/zij heeft een zwak hart ij/ze eet het aon zijne/eure moteur
hoesten oeksten
hommel osselle
honderdduizend ondertduust
hondje boebken
honing zeem
honing zim
hoofd kop
hoofdrol tuimelperte
hoogmoedige vrouw n' tuitte
Hoogstraat d'Huugstroate
horloge arloodzje
horzel ossel
houten dwarsbalk (op de spoorweg) bielde
huis van lichte zeden cabardouse
iemand achterna lopen achter iemand zijn gat drillen
iemand die geen respect afdwingt 'n blut'n
iemand die graag plaagt tamtirstok
iemand die niet veel eet ne flè-bek
iemand die nooit thuis is stroatluuper
iemand die voor niets deugd ne strontroaper achter den tren
iemand dienaast de wc bril plast schiefzjieker
iemand doen schrikken iemand verschutsen
iemand inwendig achtena praten tenzelen
iets iet
ijdeltuit parètte
ijsje kriem, krijm
ijskar kreimkerre
Ijsstronk Boolke
ijzeren staaf petreil, poeter
ik íkke
ik ben gestoken door een wesp kben gewiept van ne fluitenier
ik ben weg 'k be vurt / 'k bender mee wig
Ik ga even naar het toilet. (man) Kgoa mijn patotters ne kir goan afgietn
ik gaf het aan ... ket gegoven
ik had koo
ik had het koottekikke
ik heb kaa
ik heb alles in orde gebracht 'k ben op mijn effen
ik heb er genoeg van 't hangt mijn kijt' uit
ik heb geen zin 'k en ee gin goestinge
ik zal zwijgen "k zal mijnen bek in mijn pluimen e-en
in de kast in de kasse
in eerste versnelling schakelen in eeste vitesse zetten
in moeilijkheden bruin gescheten
ingewanden (van vis) kijte en melte
internet tinternet
inwoner van Elene nen Elensen dommerik
is es
is hij het ? èstij
is zij het ? essentzij
italiaan italionder
jaar joar
janken van de pijn ka-ieten
jas frak
jasmijnboom ne zuuzemienebum
jawel !!! toetoet
jicht de biestses
jicht chetteka
jij gije
jij bent me ook een mooie ge zijt ne kilo
jodiumtinctuur tentuurdjot
jongen manneken
jullie goaere of goalder
kaakslag souvelette
kaal plets
kaalkop pletsekop
kaars kisse
kachel stoove
kaften (ww) spoasemen
kalf mutten
kamerjas peinoir
kanarievogel ne kanoarreveugele
kapot nor de klutn
kapsel coifure
kapstok portemantoo
kar kerre
karnemelk keremelk
karnemelk kirremelk
karnemelksaus kirremelksèse
kasseiweg katseiboane
kast kasse
kastanje kastoonde
kastanje ( wilde ) n' walnote
kat poeze, poezemiene
kauwgum tsjieke
kben blut zee mij gepluimt
kerkwachter (vroeger) de swies
kermis fure
kermis kirmesse
kermismolens meulekes
kersen kezzen
kerststronk boolke
ketting keetn, keetinge
keuken schotelhuis
kikker pui
kinderen de kadeeën
kinderstoel kakstoel
kinderwagen feture
kinderwagentje poessette
kippenhok kiekenkot
klagen zoagen, kreften
klagende vrouw trunte
klap soavelette
klaproos kolleblomme
kleine kinderen kienses
kleuterklas freubel
klokhuis van appel, peer flokhuis
klompen kloppers
kluis coufrefort
kluit aarde nen tots
kniezen knotteren
knikker marbel
knikkers marbels
knikkers pietsers
knotwilg 'n treunke
koffer koefere
koffieapparaat kafeezetter
koffiebaal kafeebuzze
kookpot schuite
koolmijn fost
kop van (schoen)nagel tuits
kopje koffie zatte kafee
koprol tuimelperte
kotelet kortlette
kotsen spauen
kousen kaasens
krant gazette
kroeg stammenee
kroontjeswipper nen aftrekker, nen biersleutel
kruisbeeld ne kruislievenirre
kruisbessen stekelbezen
kruiwagen kortewogene
kruiwagen brewet
kruiwagen kortewoagen
kuikentjes tsiepkes, kiekskes
kurk stopsel
kurkentrekker ne stopseltrekker
kus bees
kus poes
kwartier ketier
la Une Bruusel frans
ladder leere
lamzak lamlendige lutskloot
lang wegblijven waardoor vrouwelijke wederhelft misnoegd is blijven plakk'n
langs lengs
langsdaar laangsgenter
lastigaard ambetanterik
lastigaard beuzak
laten zien gewezen
lawaai lawijt
ledebergstraat strijpe stroatsen
Leeuwergem (deelgemeente) Livergem
leeuwerik ( vogeltje ) kurlawerke
lelijk gezicht nen toote om et op te kappen
lerares schoolmestesse
lesbisch veur de wijv'n
levenslustige vrouw 'n pertige mokke
lichaam lijf
lichte vrouw onneuzele triene
lichte vrouw lichtmesse
lichtschakelaar den intruuptur
liedje veus, veusken
likstok ne stamper
looplamp baladeuse
loper passepartout
lucifer steksken
lucifer stekske
luiaard luibozze
luiaard tamme kluut
luiaard, nietsnut leegganger
luier piesdoek
luik (venster) blaffetuure
lulzak clitoris
maakte (hij/zij) moakteg'n( of miek)
maandag moandag
maandstonden veranderinge, brol, tante marie
maandstonden klodden
maar nee ba nie
man vent
mantel paltoo
mantel palto
mantel pardesus
mantel palto
marbeljaan marbeljoane
markt mort
markt van Sint Maria Oudenhove de plutse tènove
masturberen on zijn fluite trekken
masturberen aftrekken (man)
masturberen ving'ren (vrouw)
medaille medaulde
meelijwekkende vrouw slurre
meid maais'n
meikever ronkere
meikever ronkers
meisje mesken
mep vonke
merel meerlong
merel ne mèreloare
mesthoop messing
met mijn geld morsen mee mij gald poutjes pissen
middag noene
middag snoens
middagdutje noenen
middags ( 's) snoens
mijn liefje mijn scheetsen
mijnwerkers fostmannen
minnares koeketiene
mislukte tussenkomst bescheten komisse
misnoegde man ronkbozze
mist smuik
modder moore
moed koeraudze
moestuin lochting
moestuinpad t' lochtingboonsen
mond tote
morsen muessen
morspot, klungelaar brosseleere
mug meuzee
muggenzifter pezewever
muskaatnoot kruinoote
Musselystraat den boulevard
muts turre
naaien step'n
naaimachine stepmachine
naar noar
naast nevenst
nachtemmer piespot
nagel van het varken verkesschoen
natuurlijk vaneienst
natuurlijk dat vaneigenst
nauwsluitend maatpak tes aan zijn kloten gegoten
navel nagelbuik
navelstreng ( van geslacht varken) pezerul
nederlandse ollantse
neef kos'n
neerhofstraat verkensmort
negatieven(foto) klizees
nekslag geven (bij konijnen) tvas afsloan
neponderscheiding speekelmadoulde
nergens nieverands
nergens nieverans
netel tingel
netels tingels
neuskeutel snottebelle, snotkiesse
nietsnut niewert
nieuws nuus
Nieuwstraat fauldestroate
nochtans pertèng
nochtans pertang
nochtans pertang
nooit "vanseleven niet" of "vasleven niet"
ocharme ochheere +evt. "mijn ziele"
ocharme mijn schoapen toch!
ochtend nuchting
ochtend snuchtings
off-side alfset
omgekeerd oaverrecht
omgekeerd tachtersteveuren
omgeving (van Zottegem) kootee( van Zottegem)
ondeftige dame vuile torte
onderbuik gemachte
onderhemd emdeken
onderhemd (onder)lijveken
onfris persoon stinkbosse
ongeveer appeprei
onmiddellijk tsebiet
onnezelaar onnuzele kluut
onnozelaar onnuzelaire
onnozele vrouw kalle
ontaarden - kruising van rassen verbasterderen
ontkenning (van een feit) n'doodn'dood
ONVERDRAAGLIJKE VROUW KWEENE
onzorgzame vrouw slonse
oogarts ugmistere
ooi ( schaap ) beite
oom nonkel
Oombergen Umbergen
op de zolder op t'upperste
Op het nippertje Redzekes
op krediet kopen op de poef goan
op zij tsijens / opsijt
op zijn gezicht op zijne smoel
opdelen , in stukken hakken kandil'n
opgebrande kolen schrabielden
opmerkelijk individu skouen
oren en ogen ueren en ue'en
oude dame aaa tekla
oude vrouw aa mete
overdreven katholiek pillorbijter
overjas pardesu
overjas pardesuu
overrijp (fruit) metter
overtreffen de loef afsteken (iemand de)
overtreffen ( iemand ) iemand de loef afstek'n
paardebloem pisblomme
paardenstaart perdekeut
paasbloemen tuiteloazen
pad, paadje boonsen
pak rammel pandoeringe
pak slaag kloppinge
pak slaag pandoeringe
pak slaag vettinge
pan schuite
pandabeer pandabeir
pannekoeken ciepers
pannenkoek siepere
Pantoffels slèdsen
parelhoen ne pandar
parfum riekwôter
parfum (eau de cologne) odekloonde
parochie prochee
pastoor pastere
pêche pezerul
pêche ,perzik pezerul
pels (om de hals te dragen) miene
perfectionist pietsen den justen
perfectionist peetsen zuust
perron kee
personenwagen luuksfetuure
pet klakke
peter, meter ( vervang- ) peets'n, meets'n lap
peulerwten slusters
peulerwten sludzekes
piemel ne zot
pikdorser pikdesser
pils ne pot aja
pint demi
plaaggeest tamteerstok
pladijs ploate
plassen zieeken
plastic plastiek
plein op de pluitse
plezier leute
plots al mee ne keer
poeldenier poelier
poep lulhaar
politie poliese
politie flieken
pollepel paulepele
pompoen poompe
pop puppe
portie poossee
post corespondence
postzegel nen teimbere
potlood créjong
potloodslijper scherper
praat, grootspraak babbelde
prei parèë
premie priem
prikkeldraad piekdroad
princessebonen tresekes
prinsessebonen trésekes
problemen hebben zenose
problemen hebben zenose hebben
pruik paruke
pruillip froeze
rammelaar roateleire
rammeling vettinge
rare persoon ne witlawau
regelen arrangeeren
regenjas gabberdiene
regenworm tik
remmen freinen
reuzel smet
rheuma flesijn
rijk ferrari rijden
rijkswachter mutten, smurf
rijkswachter zendarm
rits tierette
roddeltante klapije
rode bessen zimbezen
rolgordijn blafetuure
rolluik persjeine
rolluik persjijne
rolluiken pèrsjeinen
rolluiken pèrseinen
rommel brol
rot voart
rotte appel ne voarten appele
RTBf Bruussel Frans
ruzie maken teeter gestoven
ruzie maken zen nogal boel gemokt
s' middags s' noens
s'ochtends snuchtings
salamander lekkertisse
salami (paardesalami - bologne) beloende
samen tegoare
samen tupe
schaar schere
schaatsen schoaverdeinen
schaduw schuive
schaduw lommerte
schaduw, lommer schuive
schalieën schoulden
schaliendekker schaulendekkere
schatten van kleine kinderen schoapkes van kienses
scheel zien loenzen
scheldwoord voor vrouw brakke
scheutje (melk in de koffie) zeupken
schijnheilig muilentrekker
schijnheilig persoon ne muilentrekker
schijnziek carottentrekkere
schilder facadekletser
schillen pell'n
schillen schel'n
schoenstrikken schoenstrekken
schoenveters nestels
schommel beize
schommel bijze
schommel biezebeize
schommelstoel wipstoel
schoothondje preutelekkerken
schop schuppe
schoppen vrouw pijken wijf
schoppenboer pijkezot
schort vuschut
schrik (hebben) schou (zijn)
schroevendraaier toernavies
schurk krawoat
seringen djoozemienen
sigaret flokke
sigaret saffe
Sint Goriks Oudenhove Sente Gurns
Sint Jorishof sentjoor
Sint-Jans-Hemelveerdegem Tsientsans
Sint-Maria Lierde Melierde
Sinterklaas Sent Niklaus
sla saloa
slaapkleed tabaort
slab,bavet zeverlap
slabbetje zeverlap
slagboom barile
slagboom ( spoorweg ) valboulde
slapen dodo doen
slechte eter tijferirre
sleutels sneutels
smeerlap smous
smeerlap smoutzak
smoutpot grivve
snede varkensspek schelle geregelt
sneetje schelle
snel weglopen wigketsen
snelweg otostrade
snoep spek
snottebel snotkieze
snurken grol'n
snurken grollen
sokken brooskes
soms allemets
soort muts kahoele
sotto's kruipkot
spade spo
Spanje Spoonje
spatbord gardeboe
spek geregelt
spek geringelt
spek geringeld vliës
sperzieboonen treezekes
spiegelei tietei
spiegelei perdenuuge
spin spinnekoppe
spinazie spinaudse
spinnenweb spinnekoppennette
spleet voore
spoorweg ijzerwig
spoorwegbedding de rampe
spreken klappen
springtouw springkurde
spuit pikuur
staak pijrse
staande lamp lampadeire
staart kodde, stirt
stalkaars ( in de vorm van masker uitgesneden) peetseskeeste
staren koekeloer'n / goep'n
stationstraat stoasestroate
steegje ketse
steenkoolgruis slam
stelen pieken
stille scheet ne stinkere
stoep plankier
stola snuitoek
stoofvlees stoverije
stoppen met werken schuppe afkuisen
stoute vrouw rosse
straatgoot zeppe
straks fleust
straks fleus
straks fleus
strandslippers zisledzen
stranks fleus
stroper lavèër
stuk taart stik torte
tabak van mindere kwaliteit fleur de matras
tandarts tantiest
tang tenge
tarwe torve
tas (koffie) djatte kaffee
teentje tientsen
tegel nen dal
televisiejournaal 't nuus
ten halve talvent
tepel tjoepap
tergen, plagen tamteren
tergen/plagen treiteren
TF1 Rijsel ìn
thym teemuus
tijdens binst
toch niet abba neë
toch wel abba toet
toch wel (zeker en vast) toot-toot
toilet, wc tuizeken
tol top
tot straks tot fleus
tralie traulde
trammelant tantafeirens
trappelen ( terplaatse ) trampel'n
trappelen (ter plaatse) trampelen
trappen (werkwoord) terten
trein tren
treinconducteur garde
treuzelen trutselen
tronk (wilgen) treunke
trui (dikke ,wollen) varuize
truweel trawille
tuimeling tuimelperte
tuin lochting
twintig twentig
ui dsuin
uitgelopen inktvlek kollebeeste
uitschot krapuul
uitstalraam etalouse
uitsteeksel tuut
urine pisse
urineren zjieken
uw uie
vaas voaze
vaat schotels
vals spelen zeuren
van hun van oalder
van stem veranderen vermuiten
vaneigens vaneigne
vanzelfsprekend vanei-enst
varken verken
varken tsoe
varkensgebraad een stuksken in zijnen hil'n
vechtpartij badderinge
veilig velleg
veldkleedaardappel ne pellepatoattere
veldsla kursaloa
veldsla muizenurkes
veldwachter sampetter
velzekestraat lenge plenke
ventiel supappe
ventiel sepappe
veranderen van mening uit opportunisme kazakkekeerder
verbrande kolen schi-elingen ( schi-mande)
Verdwenen ribedebi
verfrommelen verfrutselen
vergif vergef
verlegen vrouw seute
vernielen, overhoop gooien verdestreweren, verdimmeleren
verspillen vermooschen
verstaan verstoen
verstoppertje (spelen ) kettsen verbleinen ( spelen )
verstoppertje (spelen) piepkenduik
verstoten ,opzij zetten verpikken
vervang peter peetselap
vervelend mens ambetanterik
verwelkt (bloemen) verslunst
verwend kind nen bedorven stront
verwend persoon bedorven stront
verwisselen (knikkers, meikevers) vermangelen
verzekering assurance
vest kazake
vest frak
vinder vendere
violier (bloem) stoffelier
vleermuis floremuize
vleien flossen
vleien / slijmen mefrotten
vleier / slijmer mefrotter
vleugel fleurik
vliegenraam zaloezie
vlinder vliegenbet
vlinderr vliegenbetter
vloek nondidomme
vloek akkerzee
vloek van den hond zijn kloten
vod klodde
voddeman kloddemarchang
vodden trui-els
vodden klodden
voetpad plenkier
vogelkooi muite , voljeire
vogels veugels
volkoren brood mesluinen bruud
volledig hiltegans
voordeur veurdeure
voortdurend gutsgenoadig
vork fercet
vrederechter juuze(pee)
vrederechter djuugepee
vrek krebbenbijter
vroeg tijelijk
vrouw vraae
vrouw preute
vrouw van ruiten koekenwijf
vrouwenborsten mammen
vrouwenborsten tetten
vrt bruusel vloms
vuilerik vortzak
Waar ben je wor zije gije
Waar halen jullie die mooie aardappelen? Wor olde golder die schune patotters?
waar was je wor worde gije
waardeloos voorwerp bucht
waarschijnlijk verzekers
waarschijnlijk heelzekers
wachthuisje ( aan spooroverweg) roethuizeken
warme maaltijd gekooksel
warmwaterkruik pulle
wc vertrek
we zijn weg we zijme den of af
weduwe weeve
weduwnaar weeveneire
weg wig
weg weegelken
wei mis
weigeren réfezeren
wel toet
wenen blijten, tsiempen
wesp fluitenier
wetgeving wetgevinge
wielrennersbroek koersbroek
wij woalder
wij woaere
wind (laten) scheete (loaten)
windscherm paravent
wipstoeltje voor baby's fouteuse
wollen deken wulle sourze
woonwagens barakken
woordenboek dictionair
wordt gezegd van iemand die veel geld uitgeeft ij ee (s'ee) nen èe rijken dûchedoan
worsten beulingen
wortelen wurtels
wurmendries vuilestroate
zak bose
zak met gereedschap besuidse
zakdoek neusdoek
zaklamp piellampe
zat zoat
zatte vrouw 'n zatte pallulle
zeiker zjieker
zeikerd ziekere
zekering plong
zekeringskast plongkasse
zeuren knotteren
zeveraar zivereire
zich (inwendig) opjagen op zij perd zitten
ziedaar nem
zigeuner brakgast
Zigeuner Bohemere
zij zoalder
zij zoaere
zij konden het niet gezien hebben ze kosten zoar da nie gezien gad ein
zij zal eeuwig vrijgezel blijven ze za opgoan veur toepkeszoad
zijn best doen zijn devooren doen
zitplaats salong
zo niniek
zo dadelijk sebiet, fleust
zolder tupperste
zoldertje boven bijgebouw schelf
zonder geld rutte
zou het .... zoot
zout zèt
zuurtje (snoep) ne muilentrekkere
zwarte bessen hollebezen
zwijgen out ou muile
zwijgen et oune smoel of smoel toe
zwijgt et ouen bek

_________________
Afbeelding
Veel groetjes van StrandLady.En Veel Liefs Ook toegewenst.


Omhoog 
 Profiel  
 
Geef de vorige berichten weer:  Sorteer op  
 
Plaats een nieuw onderwerp Antwoord op onderwerp  [ 1 bericht ] 

Forumoverzicht » Nederlandse en Vlaamse Dialecten


Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 3 gasten

 
 

 
Je mag geen nieuwe onderwerpen in dit forum plaatsen
Je mag niet antwoorden op een onderwerp in dit forum
Je mag je berichten in dit forum niet wijzigen
Je mag je berichten niet uit dit forum verwijderen

Ga naar:  


.